Vol trots loop ik op deze stralende dag achter de kinderwagen. Mijn zoon lacht. Zoals hij altijd doet, met stralende oogjes en een glimlach van oor tot oor. Op straat kom ik een vriendin tegen. “Wat een heerlijk kind! Slaap hij al door?” Ik kan niet anders dan beamen dat mijn ventje ook echt slaapt als een baby. “Meis, wat hebben jullie toch altijd een mazzel!” Mazzel? Schijnbaar is ze, net als andere vrienden en familieleden, alweer vergeten hoeveel moeite het heeft gekost om hier te komen.

Drieënhalf jaar hebben we moeten knokken. Toen wij begin 2013 bij de fertiliteitsarts zaten na reeds een half jaar onderzoek, was het oordeel binnen 1 minuut geveld: “Meneer, u bent verminderd vruchtbaar. Mevrouw, u bent te zwaar! De enige optie die u heeft is ICSI en daarvoor moet mevrouw eerst 30 kilo afvallen. Komt u maar weer terug als dat gelukt is.” 30 kilo afvallen? Was dat graatmagere mens gek geworden? Mijn hele leven kamp ik met overgewicht en hoor ik al van de artsen dat ik overgewicht heb. Sterker nog, die artsen zijn de aanleiding van mijn overgewicht, maar dat zal ik nu even buiten beschouwing laten. Ik was dus te dik, deelde ze mede terwijl zij met haar lepeltje door haar thee roerde. “Tik, tik, tik” deed het lepeltje… en we konden weer vertrekken. We waren vijf minuten binnen geweest. 

Eén ding moest ik ‘dokter Theedoos’ later – toen we inmiddels een band hadden opgebouwd – meegeven: door haar vrij botte manier van communiceren was ik zo woest dat ik zwoor dat mijn gewicht nooit een reden mocht zijn om onze grootste droom niet uit te laten komen. Doelgericht als ik ben, dook ik diezelfde dag nog de sportschool in en ging aan de slag. Zo’n 9 maanden later kon ik vervolgens – vol trots – ‘dokter Theedoos’ melden dat de 30 kilo er inderdaad af was.

Echter, toen begon het echte werk pas. Want ondanks dat de oorzaak van onze kinderloosheid bij mijn man lag, was ik ‘de gelukkige’ die de behandelingen mocht ondergaan. In december zijn we gestart met het eerste traject. Hormonen gierden door mijn lichaam, op gezette tijden diverse spuiten en pillen slikken en als bonus kreeg ik allerlei interne onderzoeken om te kijken hoe we ervoor stonden. Na twee maanden volgde de teleurstelling: er waren niet genoeg eitjes, dus geen punctie. Het tweede traject startte in maart. Weer het hele circus en weer de teleurstelling. Dit keer pas op de tafel waar de punctie zou plaatsvinden: twee van de vier eitjes waren al gesprongen.

Opnieuw gingen we het rouwproces door met alle vragen die daar bij hoorden, maar vooral “Gaat het ooit lukken?” Gelukkig wel, want bij de derde ronde en uiteindelijk de eerste punctie was het raak: ons mannetje was ontstaan, plus twee cryo’s voor in de diepvries. Er volgde een heerlijke zwangerschap. Ok, ik moet toegeven, een zwangerschap met zwangerschapsdiabetes, zwangerschapsvergiftiging én een bevalling die eindigde in een spoedsectio, maar mij hoorde je nog steeds niet klagen! Mijn zoon was er en het is een prachtig kind, dat heerlijk slaapt.

Dus nee, lange slapeloze nachten hebben we nog niet gehad na zijn geboorte. Die hadden wij ervoor…

Gastauteur – heeft 21 verhalen geschreven.

Meer Artikelen